Twee ‘medicijnmannen’ over hun band met het EMA

Frank Verheijen en Emiel van Galen werken bij het College ter Beoordeling van Geneesmiddelen (CBG). Ze vertellen over hun band met het Europees Geneesmiddelen Agentschap (EMA).

“Ik ben hoofd van het Bureau Diergeneesmiddelen,” zegt Frank. “Dat is meteen mijn link met het EMA want die organisatie beoordeelt niet alleen geneesmiddelen voor mensen maar ook voor dieren. Er is dus ook wet- en regelgeving voor diergeneesmiddelen. Dat betekent een toets op kwaliteit, voedselveiligheid en effectiviteit.”

Overeenkomsten CBG en het EMA
Frank legt uit wat de overeenkomsten zijn met zijn werk bij het Bureau Diergeneesmiddelen en wat het EMA doet. “De oorsprong van het werk is gebaseerd op dezelfde Europese regels. Deze regels zorgen ervoor dat diereigenaren en dierenartsen kunnen vertrouwen op goede diergeneesmiddelen en dat consumenten kunnen vertrouwen op de veiligheid van melk, vlees en eieren.”

Het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit is verantwoordelijk voor het beleid en de toelating van diergeneesmiddelen in Nederland.  “Het Bureau Diergeneesmiddelen voert dit uit,” zegt Frank. “De beoordeling van diergeneesmiddelen vindt plaats in een Europese context. Het EMA moet volgens de regelgeving bepaalde type geneesmiddelen beoordelen. Deze komen dan direct op de markt in de hele Europese Unie. Andere diergeneesmiddelen komen via beoordelingen in één of meer lidstaten op de markt.”

Lees het vervolg van het interview met Frank Verheijen waarin hij vertelt over innovatie van diergeneesmiddelen en over wat hij vindt van de verhuizing van het EMA naar Amsterdam.

Emiel van Galen is hoofd van de afdeling Botanicals en Nieuwe Voedingsmiddelen. Hij beoordeelt kruidengeneesmiddelen. “Dat zijn geneesmiddelen die gemaakt worden uit plantaardige stoffen of uit planten. Dat is míjn link met het EMA.”

Het kruiden comité
Emiel legt uit wat die link precies betekent: “Bij het EMA werken verschillende wetenschappelijke comités. Eén ervan is het kruiden comité oftewel The Committee on Herbal Medicinal Products’. Ik zit in dat comité en wij beoordelen en evalueren met alle ander lidstaten samen alle wetenschappelijke informatie over een bepaald kruidengeneesmiddel.” Emiel noemt wat voorbeelden van kruiden voor kruidengeneesmiddelen: “Denk aan Sint-janskruid, Mariadistel of Valeriaanwortel. Iedere keer beoordeelt een van de leden van het comité een kruid, bespreekt dat en maakt vervolgens voor de hele Europese Unie een samenvatting met informatie over bestanddelen en hun werking. Een dergelijke samenvatting noemen we een kruidenmonografie. Zie het als een blauwdruk, leidraad of startpunt voor beoordeelaars en registratieautoriteiten van lidstaten. Dit is hun basis om nationaal verder mee te werken. Zoals de beoordeling van de  aanvragen  voor toelating van kruidengeneesmiddelen.”

Lees het vervolg van het interview met Emiel van Galen waarin hij uitlegt waarom het EMA belangrijk is voor Europese samenwerking. Hij vertelt ook wat hij vindt van de komst van het EMA naar Amsterdam en over EMA walks.